Met het licht aan

‘Ik wil kijken,’ zei Rob.

Hij zei het tegen de vaatwasser. Hij stond voorovergebogen met een bord in zijn hand en keek in het onderste rek, alsof daar het antwoord lag op een vraag die ik nog niet had gesteld.

‘Waarnaar?’ vroeg ik.

Hij zette het bord op het aanrecht. Niet in het rek. Dat doet hij nooit.

‘Naar jou. Met dat ding van je.’

We zijn zesentwintig jaar getrouwd. Ik ben eenenvijftig, hij is vierenvijftig, de kinderen studeren in Utrecht en Groningen en bellen op zondag. Wij vrijen op zaterdag, meestal, met het licht uit, en het is goed. Echt goed. Maar het is zaterdag, en het licht is uit.

Dat ding van mij had hij vorige week gevonden. Niet het ding zelf: het snoertje. Een oplaadkabel in de la van mijn nachtkastje die niet bij mijn telefoon hoorde en niet bij de zijne. Hij had hem opgepakt, omgedraaid en zonder iets te zeggen teruggelegd. Ik zag het in de spiegel van de kledingkast. Een week lang hadden we er geen van beiden iets over gezegd.

Het was een rare week geweest. Rob zette twee keer koffie voor me zonder dat ik erom vroeg. Op woensdag belde hij vanaf zijn werk of ik nog iets nodig had uit de stad, wat hij in geen jaren had gedaan, en op donderdag stond hij in de badkamer met zijn tandenborstel in zijn mond en keek in de spiegel naar mij, langer dan hij ooit naar zichzelf kijkt.

Ik dacht dat hij gekwetst was. Ik had zelfs een zin voorbereid, iets met ‘het heeft niets met jou te maken’, en die zin was zo slecht dat ik hem zelf niet geloofde.

Maar nu stond hij hier, met een bord in zijn hand en rode oren, en gekwetst zag hij er niet uit. Hij wachtte tot ik iets zei.

‘Het is een luchtdrukvibrator,’ zei ik, want als het er dan toch uit moest, dan maar meteen goed. ‘Ik heb hem sinds de zomer.’

‘Ik weet niet eens wat dat is.’

‘Dat weet ik.’

Hij lachte, en ik ook, en toen werd het stil in de keuken, zo stil als het wordt wanneer er iets op tafel ligt dat niet meer terug kan in de la.

‘Wanneer dan?’ vroeg hij. Hij klonk als iemand die een puzzel bijna af heeft.

‘Op dinsdag. Als jij naar het koor bent.’

Ik zag hem rekenen. Hij zingt al elf jaar tweede bas en is om kwart over tien thuis, en dan zit ik met een kop thee op de bank, en dan vraagt hij of ik een fijne avond heb gehad.

‘En dan zeg jij ja,’ zei hij.

‘Dan zeg ik ja.’

‘Je hoeft niet,’ zei hij.

‘Ik weet dat ik niet hoef.’

Ik droogde mijn handen af aan de theedoek. Langzaam, vinger voor vinger, en ik voelde dat hij keek, en ik merkte dat ik het expres deed.

Het gekke was dat ik het wilde. Ik had het de hele week gewild, vanaf het moment dat hij dat snoertje terug in de la legde, en ik was er tegelijk bang voor. Al die jaren had hij me gezien: onder het dekbed, in het donker, onder de douche met de deur op een kier. Maar nog niet één keer terwijl ik iets deed wat alleen van mij was.

‘Eén regel,’ zei ik. ‘Jij zit in de stoel. Je handen blijven op de leuningen. Je mag kijken zoveel je wilt, maar je raakt me niet aan tot ik het zeg.’

‘En als ik...’

‘Dan stop ik.’

Hij knikte. Ik had hem in zesentwintig jaar nog nooit zo snel zien knikken.

‘En nog iets,’ zei ik. ‘Je vertelt me wat je ziet.’

In onze slaapkamer staat een rieten stoel waar nooit iemand op zit. Er liggen kleren op die te schoon zijn voor de wasmand en te vies voor de kast. Rob legde ze op de vloer en ging zitten. Hij legde zijn handen op de leuningen, heel precies, zoals mensen bij de tandarts zitten.

Ik deed het plafondlicht aan. Paskamerlicht.

‘Dat ook?’ vroeg hij.

‘Jij wilde kijken.’

Ik trok mijn trui uit, daarna mijn spijkerbroek. Ik heb een buik, zwangerschapsstrepen van twee kinderen en een litteken van mijn galblaas, en ik stond daar onder dat licht en dacht: als ik nu ga twijfelen, kan ik het net zo goed weer uitdoen. Dus twijfelde ik niet. Ik maakte mijn beha los en liet hem op de stapel kleren van de stoel vallen. Mijn slipje hield ik nog aan, voor de drie stappen naar het bed. Die waren voor mij.

Ik ging op het bed liggen met twee kussens in mijn rug, zodat ik hem kon zien, en pakte het ding uit de la. Het is wit en glad en past in mijn hand als een kiezel van het strand. Rob boog een stukje naar voren. Zijn handen bleven waar ze waren.

‘Wat zie je?’ vroeg ik.

Hij schraapte zijn keel. ‘Mijn vrouw,’ zei hij. ‘Met het licht aan.’

Toen trok ik mijn slipje uit. Ik deed het langzaam, over mijn knieën, en ik gooide het niet op de grond maar legde het naast me op het dekbed, alsof ik het straks nog nodig zou hebben. Ik trok mijn knieën op en liet ze uit elkaar vallen. Zo lag ik daar, onder het plafondlicht, helemaal open, en twee meter verderop zat mijn man in een rieten stoel en keek tussen mijn benen. Mijn hart bonsde in mijn hals.

‘Zeg het,’ zei ik.

‘Je bent mooi.’

‘Dat is niet wat je ziet.’

Hij slikte. ‘Je schaamlippen,’ zei hij langzaam, alsof hij een woord uit een vreemde taal voor het eerst hardop uitsprak. ‘Ze zijn donkerder dan ik dacht. En ze glanzen.’

Sfeerbeeld van mannenhanden om de leuningen van een rieten stoel naast een bed met satijnen lakens, bij het erotische verhaal Met het licht aan

Het eerste wat ik hoorde, nog voor het speeltje, was zijn adem. Hij ademde door zijn neus, zwaar, zoals wanneer hij een kast verschuift. Dat geluid ken ik al zesentwintig jaar, dacht ik, en zo hoor ik het voor het eerst.

Ik keek naar zijn handen op de leuningen. Ze lagen er nog, allebei. Ik pakte het flesje glijmiddel uit de la en draaide de dop eraf, en hij volgde elke beweging.

Ik deed een druppel op de rand van het mondje, zoals ik dat op dinsdag doe, en zette hem op de laagste stand. Hij maakt een zacht, zuigend geluid, alsof iemand vlak bij je oor iets fluistert dat je niet helemaal verstaat. Met twee vingers van mijn linkerhand hield ik mijn schaamlippen uit elkaar, en ik legde hem over mijn clitoris en deed even niets. Liet hem zijn werk doen.

Het begint altijd als een tinteling die nog niet weet waar hij heen wil, ver weg en kloppend. Daarna trekt het samen, en dan moet ik ademen.

‘Vertel,’ zei ik.

‘Je knieën,’ zei Rob. ‘Die gaan verder open. Langzaam. Je tenen krullen. Je bijt op je lip, dat doe je ook bij het cryptogram.’

‘Dat is niet sexy.’

‘Het is het meest sexy wat ik ooit heb gezien.’

Ik zette hem een stand hoger. Rob bleek er goed in, vooral in het kijken. Hij zag dingen die ik zelf niet wist. Dat mijn linkerhand naar mijn borst ging zonder dat ik dat besloot, en dat ik in mijn tepel kneep, eerst zacht en daarna niet meer zo zacht. Dat ik mijn hoofd van hem wegdraaide als het te veel werd, en terug als ik hem wilde zien.

Dat ik nat werd, zo nat dat het speeltje een ander geluid ging maken, en ik hoorde het en schaamde me, en van die schaamte werd ik alleen maar heter.

‘Je buik gaat sneller,’ zei hij, alsof hij de meterstand doorgaf.

Hij had gelijk. Ik voelde het aankomen, veel te snel, en ik tilde het speeltje een paar centimeter op. Zo bleef ik liggen, met mijn heupen nog half van het bed en het zachte zuigen vlak boven me, net buiten bereik.

‘Waarom stop je?’ vroeg Rob.

‘Omdat jij nog niet alles hebt gezien.’

Ik wachtte tot het kloppen wat zakte. Toen zette ik hem terug, iets lager dan eerst en meer opzij, waar het trager gaat, en begon opnieuw.

Ik keek naar zijn handen. Ze lagen nog op de leuningen. Zijn knokkels waren wit. Door zijn ribbroek heen zag ik hoe hard hij was, en hij deed niets, helemaal niets, en dat was bijna niet uit te houden. Voor mij, bedoel ik.

‘Maak je broek open,’ zei ik.

Hij keek naar zijn handen en toen naar mij.

‘Je mag ze even gebruiken. Daarna gaan ze terug.’

Hij deed zijn riem los, zijn knoop, zijn rits, onhandiger dan ik hem ooit iets had zien doen, en duwde zijn broek met zijn onderbroek tot halverwege zijn dijen. Zijn pik sprong omhoog en tikte tegen zijn buik. Hij was donkerrood en zo hard dat de huid strak om zijn eikel stond, en op het topje lag een druppel die glinsterde in het paskamerlicht. Rob legde zijn handen terug op de leuningen en greep ze vast.

Zo keken we naar elkaar. Ik met het speeltje tussen mijn benen, hij met zijn broek op zijn knieën in een rieten stoel, en geen van ons tweeën stond op om het licht uit te doen.

‘Nu jij,’ zei hij schor. ‘Wat zie jij?’

Ik had niet gedacht dat hij het zou terugvragen. Ik keek naar zijn pik, die meebewoog op zijn hartslag, en naar zijn gezicht, dat rood was tot in zijn hals.

‘Een man die zich aan mijn regel houdt,’ zei ik. ‘En daar bijna aan bezwijkt.’

‘Bijna,’ zei Rob.

Ik hield het nog een minuut vol. Misschien twee. Toen het speeltje op de hoogste stand stond en mijn heupen vanzelf van het bed kwamen, wist ik dat ik het niet alleen wilde.

‘Rob.’

‘Ja?’

‘Ik breek mijn eigen regel.’

Hij stond zo snel op dat de stoel omviel. Hij liet hem liggen. Met zijn broek op zijn knieën schuifelde hij naar het bed, als iemand in een zaklopwedstrijd, en hij knielde op het matras, en ik pakte zijn hand en legde die op de mijne, op het ding, zodat we het samen vasthielden.

‘Zo,’ zei ik. ‘Niet harder. Zo.’

Hij leerde snel. Na een poosje haalde ik mijn hand weg en hield hij het speeltje alleen, precies op de goede plek, en met zijn andere hand kwam hij naar me toe. Hij legde twee vingers tegen me aan, onder het speeltje, en wachtte.

‘Mag ik?’

‘Ja.’

Hij gleed in me, langzaam, tot zijn knokkels, en kromde zijn vingers naar zich toe. Dat had ik hem één keer laten zien, twintig jaar geleden, in een hotel in de Ardennen, en ik wist niet dat hij het had onthouden.

Zijn mond lag in mijn hals, zijn vingers bewogen in me, het speeltje zoog aan mijn clitoris en het plafondlicht scheen recht in mijn ogen. Het werd groter dan ik had verwacht. Het trok vanuit mijn buik naar mijn knieën en mijn tenen, mijn rug kwam los van de kussens, en ik klemde zijn pols vast en duwde hem dieper. Hij hield alles precies zo als ik het had gevraagd, en het hield niet op. Het was luid, en ik liet het.

Toen het stil werd, zette hij het speeltje uit en legde het naast het kussen, heel voorzichtig, met twee handen. Hij keek me aan zoals hij kijkt als het koor iets goed heeft gezongen en niemand nog durft te klappen.

Ik trok aan zijn overhemd. Hij trok het over zijn hoofd zonder de knoopjes los te maken. Daarna zijn broek: hij bleef met zijn voet in zijn broekspijp hangen en viel half naast me, en we lachten, en het lachen ging over in iets anders toen ik hem op zijn rug duwde.

‘Het licht blijft aan,’ zei ik.

‘Ik zou niet durven.’

Ik klom op hem, een knie aan elke kant. Zijn borsthaar is grijs geworden; ik weet niet precies wanneer, ergens in de jaren dat we het licht uit hadden. Ik nam zijn pik in mijn hand, wreef zijn eikel een paar keer door mijn natte schaamlippen, van onder naar boven, en zakte op hem, langzaam, zodat hij het zag: hoe hij in me verdween, centimeter voor centimeter, tot ik helemaal op hem zat.

Hij keek. Naar waar we samenkwamen, naar mijn buik, naar mijn borsten, die meebewogen toen ik begon te bewegen, en naar mijn gezicht. Hij bleef me aankijken, ook toen ik sneller ging, alsof hij bang was iets te missen.

‘Je handen,’ zei ik. ‘Overal. Ik wil ze zien.’

Hij legde zijn handen op mijn heupen en daarna op mijn billen, en bij elke beweging trok hij me dieper op zich. Met zijn duim zocht hij mijn clitoris, die nog nagloeide en gevoelig was, en ik pakte zijn duim en legde hem een centimeter naar links. Zo. Al die zaterdagen, en ik had het hem nooit gezegd.

Ik boog voorover tot mijn tepels langs zijn borsthaar streken, en hij nam er een in zijn mond en zoog erop, zacht, op het ritme van mijn heupen. Het bed kraakte. Ergens dacht ik nog: zo zie ik er nu uit, onder dit licht, met mijn buik die meebeweegt en mijn haar voor mijn gezicht. Toen keek ik naar hoe hij naar mij keek, en die gedachte ging vanzelf weg.

Daarna ging ik weer rechtop zitten en leunde achterover, met mijn handen achter me op zijn dijen, zodat hij alles kon zien. Hij keek naar beneden, naar hoe hij in en uit me gleed, glanzend, en hij kreunde iets wat ik niet verstond.

We vrijden zoals we op zaterdag vrijen, maar dan anders: met het licht aan en met onze ogen open. Ik voelde hem nog harder worden in me, zijn heupen kwamen omhoog, hij zei alleen ‘ja’, een paar keer, steeds zachter, en toen hij klaarkwam, kneep hij zijn ogen toch nog dicht. Dat heb ik hem vergeven.

Beneden piepte de vaatwasser. Ik weet nog steeds niet wie hem heeft aangezet.

We lagen naast elkaar op het dekbed, bloot, met het plafondlicht nog aan. De rieten stoel lag op zijn kant. Rob keek ernaar alsof hij een fiets had aangereden.

‘Die staat daar al sinds de verhuizing,’ zei hij.

‘Er is ook sinds de verhuizing niets op gebeurd.’

‘Waarom heb je dat nooit verteld?’ vroeg hij. ‘Van dat ding.’

‘Waarom heb jij nooit gevraagd of je mocht kijken?’

Hij dacht erover na. Rob denkt altijd na voor hij antwoordt; daar ben ik ooit op gevallen.

‘Ik dacht dat jij dat raar zou vinden.’

‘Ik vond mezelf al raar genoeg.’

‘Dinsdag,’ zei hij. ‘Misschien meld ik me dinsdag ziek bij het koor.’

‘Waag het niet. Dinsdag is van mij.’

Hij grinnikte en legde zijn hand op mijn buik, plat en warm, en liet hem liggen.

Hij draaide zich op zijn zij. ‘Is er nog meer dat ik niet weet?’

Ik stond op, liep naar de kast en haalde van de bovenste plank, achter de schoenendozen, een schrift. Een gewoon blauw schrift, het soort waar ik ook de boodschappen in opschrijf. Ik ging op de rand van het bed zitten en hield het tegen mijn borst.

‘Jij had één wens,’ zei ik. ‘Ik heb een schrift vol.’

Hij stak zijn hand uit. Ik hield het schrift buiten zijn bereik.

‘Eén per week,’ zei ik. ‘Zaterdag lees ik je de eerste voor.’

Hij weet nog niet wat er op de eerste bladzijde staat. Dat het over hem gaat, en over de keukentafel. En dat hij dan juist niet mag kijken.

Dit verhaal is geschreven door de redactie van De Paarse Keizerin. Meer verhalen leest u in ons overzicht van erotische verhalen.

Reactie plaatsen

Let op: opmerkingen moeten worden goedgekeurd voordat ze worden gepubliceerd.